Nieuws

homeover Filmhuis LumenOrganisatie

11 feb: filmmakers te gast bij kortfilms

"Filmische vrijbuiterij" in het kortefilmprogramma 'ADRIFT', met 5 bijzondere kortfilms en 2 filmmakers te gast! Regisseur/filosoof André Schreuders vertelt over zijn fascinaties en filmmaker/musikant Dan Geesin speelt traporgel bij zijn film.


Filmbanktour #25: kortfilms, gasten en live muziek

donderdag 11 februari 2010, 19.45 uur

‘ADRIFT’

een overzicht van alle vijf kortfilms vindt u na onderstaand interview.


Dan Geesin mét traporgel in Lumen

Zijn liedjes prijken niet hoog in de hitparade, toch is de kans groot dat filmhuisbezoekers zijn muziek, en zijn traporgel, hebben gehoord. De prachtige soundtrack van KAN DOOR HUID HEEN van Esther Rots is namelijk van zijn hand. Multitalent Dan Geesin (Londen, 1970) houdt ervan de wereld te observeren, en waar kan dat beter dan in Amsterdam, waar de kunstenaar sinds 1994 woont? Zijn indrukken verwerkt hij ook in films, tekeningen, installaties en sculpturen. Geesin is bij de voorstelling te gast met zijn traporgel, om zijn film FAT HEAD muzikaal te begeleiden.

over vallen…

Twee helden van van regisseur/filosoof André Schreuders zijn “meesters van de val”: kunstenaar Bas Jan Ader en de absurdist Daniil Charms. In Schreuders film MANIFEST VOOR EEN VRIJE VAL rijdt een man slingerend op een fiets een kade af, het water in. Het is een letterlijke echo van FALL II, een 16mm-filmpje van Ader uit 1970. Deze Nederlandse conceptuele kunstenaar (1942-1975) experimenteerde met de zwaartekracht: Bas Jan Ader viel uit bomen, van daken en van kademuren. Ook in het literaire werk van de Russische absurdist Daniil Charms (1905-1942) heerst de valpartij. In een van zijn miniatuurtjes tuimelt een hele reeks buurvrouwen al te nieuwsgierig naar elkaar turend uit het raam; in een ander verhaal blijven de Russische schrijvers Gogol en Poesjkin over elkaar struikelen. Charms schreef korte verhalen, kinderboeken en dagboeken. Zijn nalatenschap bevat ook filosofische geschriften. Een kernbegrip daarin is het ‘vloeiende denken’. André Schreuders is een boek aan het schrijven over deze denker.



André Schreuders:
over de verrassingen van vallen, Vinex-wijken en vloeiend denken


Een man staat op een berg te oreren: „Zalig hij die met zijn hoofd naar beneden valt. Hij ziet de wereld anders, ook al is het maar voor even”. In MANIFEST VOOR EEN VRIJE VAL van André Schreuders (1967) draait alles om vallen, springen en hangen. Wat beweegt de bungeejumper, bungelend tussen veiligheid en gevaar, tussen dood en leven, angst en verveling? Of meer in het algemeen: hoe doe je dat, leven in een overgeorganiseerde maatschappij? Dat is de vraag die vijf filmmakers beantwoorden in ‘Adrift’, de 25e Filmbanktour. Schreuders, wiens documentaire UIT HET HART VAN ODESSA in 2008 in Lumen te zien was, is een van hen. De filosoof en filmer, ooit werkzaam als ambtenaar stedenbouw en ruimtelijke ordening, zal bij de voorstelling op 11 februari in Filmhuis Lumen aanwezig zijn. Eind vorig jaar interviewden we hem in het Rotterdamse Café Engels. Aan het eind van het gesprek concludeert hij: „In MANIFEST... komt alles samen wat me bezighoudt”: vallen, Vinex, vloeiend denken en verrast worden, dat zijn de kernwoorden.


“Voor ik in Rotterdam kwam wonen was ik eigenlijk niet met film bezig. Daar, op het Filmfestival, bezocht ik kortefilmprogramma’s. Ik was compleet verrast: ik ontdekte een nieuwe categorie van ándere films, waarvan ik het bestaan nooit had vermoed. In Rusland organiseer ik zelf ook kortefilmfestivals, met Nederlandse experimentele films. Je kiest een thema en het leukst is het als de films behoorlijk verschillend zijn. Je hoeft het niet allemaal goed te vinden om het toch te waarderen. Misschien zit er één film tussen waar je je hele leven aan terug blijft denken. Het enige wat je nodig hebt is zin om iets nieuws te ontdekken, de bereidheid om geraakt te worden door iets wat je totaal niet verwacht had.


Een korte film is een soort kunstwerkje dat iets vertelt wat geen verhaaltje is. Meestal hebben de films die ik goed vind één moment waarop je denkt: ‘Hè? Wat gebeurt híer nou?’ Een film die me overrompeld heeft is THE RIVERBED van Rachel Reichman, ooit vertoond door de VPRO. Een volslagen onbegrijpelijke film, ik kan er geen zinnig woord over zeggen. Maar die film heeft een zaadje in me geplant, misschien ben ik daardoor wel filmmaker geworden. Mijn films hebben geen plot. Ik zoek naar een andere manier van vertellen, naar een vorm waarbij woord en beeld gelijkwaardig worden. Eigenaardig genoeg zitten er vaak veel woorden in mijn films, maar die kun je ook als woordenstroom, als geluid, als menselijke stem over je heen laten komen. Het gaat om de ervaring van kijken en luisteren, niet zozeer om het verwerken van informatie.


Elke film vraagt om een eigen vorm, een eigen werkwijze. OVER FENOMENEN EN EXISTENTIES NO.3, een film vol schilderijachtige shots, heb ik helemaal gestoryboard. Alles lag van tevoren vast, inclusief de montage. Bij UIT HET HART VAN ODESSA ben ik juist heel vrij te werk gegaan. Ik ging met mijn camera op pad en vertrouwde op het toeval. MANIFEST VOOR EEN VRIJE VAL was helemaal gescript, de monoloog was geschreven, en er was een filmplan. Dan ga je zoeken naar shots, dat houdt in: heel veel schieten, heel veel weggooien. Aan de andere kant is het ook een kwestie van wachten op het juiste moment, een moment dat alles samenvat. En dan krijg je zulke lucky shots zoals in de Vinex-wijk. Toch heb ik in de montagekamer nog veel veranderd, waardoor er uiteindelijk een heel andere film uit is gekomen.


Vallen als thema in MANIFEST VOOR EEN VRIJE VAL komt uit twee rechtstreekse bronnen. Een ervan is de Russische schrijver en denker Daniil Charms, omdat er in zijn verhalen heel veel gevallen wordt. Sterker nog: het hele oeuvre van Charms is vallen. In sommige verhalen is het heel letterlijk: in de eerste regel valt iemand al gelijk over de stoeprand, in de tweede regel valt hij in de tram en dat blijft maar doorgaan. En je hebt dat verhaal over die vrouwtjes die uit het raam vallen. Ja, er wordt eindeloos veel gevallen en gestruikeld in Charms’ verhalen. Dus letterlijk is het een thema, maar de verhalen van Charms vallen zelf ook. In de eerste zin gebeurt er iets: ‘Timmerman Pantelei liep naar buiten op een ijzige dag’; in de tweede zin valt hij dood en is het verhaal eigenlijk afgelopen en moet er een nieuwe held komen. En dan gaat het verhaal gewoon door, met die nieuwe held die misschien ook weer dood valt. De verhalen ontsporen altijd, dat is een vorm waarvoor Charms bewust gekozen heeft.


Een andere held van mij is Bas Jan Ader, die al die valexperimenten heeft uitgevoerd, begin jaren 70. Ik zag zijn filmpjes al toen ik een jaar of twintig was, dus lang voordat ik zelf ging filmen. Ze waren voor mij het summum van wat je kunt maken. Eigenlijk wilde ik een langere documentaire maken, waarin de filmpjes van Bas Jan Ader als een schlemielige tegenpool zouden fungeren tegenover het spektakel van het bungeejumpen. Zodat de kijker zich verbaasd zou afvragen: ‘Wat moest die rare, vallende man daar toch tussen?!’ Dat project is gestrand, en toen heb ik er een persoonlijker film van gemaakt. Maar enkele van Aders valexperimenten zitten bijna letterlijk in MANIFEST VOOR EEN VRIJE VAL. Er zit natuurlijk iets paradoxaals in dat willen vallen. De prediker in de film ventileert een afkeer van het springen: ‘Vallen is veel beter!’ Maar je kunt eigenlijk niet proberen te vallen, dat is onmogelijk. Vallen is niet iets wat je doet, het overkomt je.


Dat sluit ook aan bij het ‘vloeiende denken’. Dat is een begrip uit Charms’ filosofie dat mijn hele oeuvre heeft beïnvloed, gewoon omdat ik er elke dag mee bezig ben. ‘Vloeiend denken’ is een soort paradox, want denken doe je logisch, dat begint in stapjes, in causaliteit, en vloeiend denken is juist het ophouden van causaliteit. Eigenlijk, als je het heel simpel wilt zeggen, is het zien, niet-denken: even zie je de wereld in één blik. En ook dat is iets wat je overkomt, en in die zin is er een parallel met het vallen. Daarom gebruikt Charms dat vallen als vorm in zijn teksten. Hij probeert het te laten gebeuren tijdens het lezen. Je leest en je oogkleppen gaan even af. We zijn eigenlijk heel erg vooringenomen, alles om ons heen heeft betekenis. En wat Charms probeert is die betekenis één moment los te koppelen, zodat je valt, los van de betekenis.


Door Charms ben ik Russisch gaan leren en zo’n zes jaar geleden reisde ik voor het eerst naar Rusland. Sindsdien verblijf ik er elk jaar drie maanden. Het is een heel inspirerend land. Er gebeurt veel meer dan in Nederland. Het leven daar is als in de verhalen van Charms: elke dag gaat alles mis en het komt aan het eind van de dag meestal ook weer goed. MANIFEST… komt voort uit mijn Ruslandreizen. Als ik terug ben in Nederland voel ik me opgesloten. Hier lijken we vast te zitten in een verzekerd leven, waarin we geen risico’s nemen. In Rusland is er geen bodem in het bestaan. Alles kan daar gebeuren, op elke moment, bij iedere stap die je zet. Dat heeft meer met leven te maken dan ons opgesloten bestaan. Mijn reizen naar Rusland zijn mijn vorm van bungeejumpen, mijn paspoort is mijn bungee. Ik verdwijn nooit in het zwarte gat. Ja, ik zou natuurlijk mijn paspoort kunnen weggooien, in een moment van dronkenschap. In Rusland gebeurt dat, dat je dingen doet die je bestaan op het spel zetten. En iedereen daar begrijpt dat. Dat schept ruimte.”



programma

In MANIFEST VOOR EEN VRIJE VAL buigt André Schreuders (UIT HET HART VAN ODESSA, 2007) zich over de paradox van de bungeejumper. Schreuders’ filmessay zweeft tussen hemel en aarde, gaat over the top en maakt zo nu en dan een bijna-doodsmak.
André Schreuders 2009 12min


Daya Cahen (THE STALIN THAT WAS PLAYED BY ME, 2006) filmde NASHI (‘de onzen’) in een zomerkamp van de gelijknamige Russische jeugdbeweging, ook wel Poetinjugend genoemd. Cahen laat de scheurtjes in de propaganda zien, die ze hier en daar met aan Leni Riefenstahl ontleende technieken verhevigt, of juist ontkracht.
Daya Cahen 2008 26’30min


In ERUPTIONS van Arjen de Leeuw zitten twee mannen achter de knoppen van een rokende vulkaan. De Leeuw is beeldhouwer en ontwerpt theaterdecors en -kostuums. In zijn verhalende video’s en installaties komen beide disciplines samen.
Arjen de Leeuw 2009 7’33min


In Bert Herckenraths ZELFBEELD figureren het Mannetje zonder Schaduw, de Dieselbaby en het Gebit. Deze zwart-witvideo vol dubbelopnames en diapositieve beelden is gebaseerd op ouder, op 16 mm geschoten werk.
Bert Herckenrath 2007 7min


Een getekend man houdt het hoofd boven water in FAT HEAD van Dan Geesin. In films, muziek en tekeningen zoekt Geesin naar wat schuilgaat achter de stilte en het alledaagse.
Dan Geesin zal op zijn traporgel spelen bij de vertoning van zijn film Fat Head. (jmvh)
Dan Geesin 2009 15min

©2006 - 2009 Stichting Filmhuis Delft